Zoals aardbevingen naschokken hebben, zo bewerkstelligt de eruptie van de stroom nieuws over het seksueel kindermisbruik van priesters naschokjes in de publiciteit.
Een verontrustend naschokje was de tekst onder de kop ‘Priester als slachtoffer biedt misschien troost’ van Hans Beerekamp in de NRC H van maandag 19 december.
Ik copieer enkele passages met tussen vierkante haken negen genummerde commentaar van mij:
‘… het waren niet alleen de protestants-christelijke omroepen die dit weekeinde de klokken luidden voor een nieuwe Reformatie. In een met kaarsen en gebrandschilderde ramen opgesierde zaal van Felix Meritis ging Twan Huys voor in een debat van Nieuwsuur (NOS/NTR) dat weinig hoop bood op een dialoog tussen de slachtoffers van seksueel misbruik en de leiding van de kerk in Nederland. Door aartsbisschop Wim Eijk aangeboden excuses werden glashard geweigerd.
In een intelligente analyse probeerde socioloog Paul Schnabel in Buitenhof de vertrouwenscrisis in een bredere context te duiden. In de jaren 60 werd de macht uitgedaagd, nu heeft het publiek twijfels bij de morele autoriteit van instituties als de rechterlijke macht, de politie, de banken, de politici en de kerk. Vaak wordt de waarneming van moreel faillissement gestuurd door getuigenissen van slachtoffers.’
[1] ‘… bredere context, morele autoriteit, moreel faillissement …’ – nee, nee …; ‘het probleem van de kerk’ is een totaal eigen thema. Minstens kenmerken maken het een absoluut nieuw fenomeen: (1) de eschatologische dimensie, (2) het unieke spirituele en maatschappelijke gezag van de daders, (3) de unieke historische dimensie van de kerk – zie hieronder de tekst over de Bella Figura.
‘En dat is nu juist waar televisie dol op is, op het gezichtspunt van het slachtoffer.’
[2] Ik vind dit een ietwat hypocriete argumentatie. De concrete, overtuigende, levensechte getuigenissen, zoals in Nieuwsuur met de keiharde ‘live’ confrontatie onder leiding van een prima presentator zijn televisie op z’n best.
‘In dat opzicht konden alle actualiteitenprogramma’s er maar geen genoeg van krijgen, van de opengebroken emoties van de lang geleden misbruikte mannen …’
[3] Dit is nog veel laakbaarder aanvechtbare argumentatie dan die onder punt [2]. De verbijzondering ‘al lang geleden misbruikt(e)…’ gaat voorbij aan het feit dat, in termen van de titel van een bekend boek, de straf op zwijgen juist in deze gevallen vanwege het specifiek sacerdotale levenslang is. In feite is dit cynisch-achterbakse pseudo-voorbehoud een gotspe!
‘… en de halsstarrige paniek van de bisschoppen …
[4] Er is juist geen paniek – de bisschoppen blijven halsstarrig (dat wèl) volgens de regels door lullen.
‘Voor één zendgemachtigde leek de kwestie een lastige uitdaging. RKK (de afkorting staat gewoon voor Rooms-Katholieke Kerk) heeft een wekelijks actualiteitenprogramma, Kruispunt, waarin het slachtoffer altijd de meeste aandacht krijgt. Maar er moest toch ook ruimte worden ingeruimd voor de aartsbisschop, die na twee dagen, met klem gevraagd om zelfkritiek, zei dat het de bisschoppen misschien in een eerder stadium had ontbroken aan zichtbare empathie.’
[5] Het heeft de bisschoppen ‘ontbroken aan zichtbare empathie’ – navranter kun je niet verwoorden dat het in de kerk alleen gaat om de schone schijn in de trant van Hyacinth Bucket (spreek uit ‘boekee’) en de ‘Bella Figura’ – zie onder.
‘Dat maakte priester Antoine Bodar, een van de laatste geloofwaardige katholieke stemmen in de media …’
[6] Bodar als geloofwaardige katholieke stem in de media … – dat is zoiets als Wilders een geloofwaardige stem in de politiek noemen … – het is zeker waar, maar het zegt vooral iets over de media resp de politiek.
‘… , in hetzelfde programma goed, door in tranen te vertellen dat hij het niet meer wist, maar dat het niet eerlijk was: „Die misdrijven zijn verschrikkelijk, maar je kunt niet de hele kerk daarop afrekenen, dat kun je niet doen.”
[7] Dat is nu juist wel aan de orde – ‘de kerk’ = het collectief van de hoogste clericale gezagsdragers verdient het hierop afgerekend te worden.
‘Eerder had hij gezegd dat alle priesters zich verantwoordelijk moesten voelen, maar ook dat hij had gemerkt dat het laten zien van emoties troost kan bieden aan de slachtoffers. Bodar is acteur geweest, maar deze emotie leek authentiek …’
[8] Bodar authentiek? Ja – als de mediagenieke kunsthistoricus die hij is en die perfect gecast is voor een rol als moderne pontifex die perfect aanvoelt wat het betere publiek wil zien en horen in een eigentijdse remake van een film als ‘De naam van de roos’.
‘… , zij het een goed passend, wanhopig, pr-offensief. Weten wij eigenlijk wel wat de kerk met al die beschuldigingen wordt aangedaan?’
[9] Ik heb voor mezelf het gevoel dat ik eigenlijk wel weet wat de kerk, met recht en reden, wordt aangedaan met deze niet ‘beschuldigingen’ maar onthullingen.
Naar aanleiding van de stelling ‘dat het laten zien van emoties troost kan bieden aan de slachtoffers’ heb ik het begrip Bella Figura gegoogeld. Tot mijn verrassing kwam ik op een, zo te zien authentieke rooms-katholieke site www.katholiek.org/curie.htm die van zich zelf schrijft:
Deze website behandelt het Katholicisme op de manier…
…waarin gelovigen in de Katholieke Kerk, rondom het Pausschap, in religieuze gemeenschappen en in andere organisaties verenigd zijn,
alsmede
… waarop katholieken samen, in woorden en daden, leven, vieren en geloven. (in voorbereiding) + nog ruim 1000 katholieke links…!
Over de Bella Figura staat daar:
Romanità
- Zoals er van bedrijven gezegd kan worden dat ze een bepaalde bedrijfs-cultuur hebben, zo kan ook van de Romeinse Curie worden gezegd dat daar een eigen cultuur heerst. De cultuur van de Curie is een onderdeel van de Italiaanse en meer bepaald van de Romeinse cultuur, de zgn. Romanità.
- In deze cultuur is de schone vorm (It.: bella figura), het uiterlijke, vaak belangrijker dan de inhoud. Schoonheid gaat boven hoeveelheid, hoffelijkheid boven efficiëntie. Het gaat er niet alleen om wat, maar ook om hoe iets bereikt wordt.
Informeel
- Onderlinge betrekkingen zijn belangrijker dan formele procedures en wie de juiste mensen kent, krijgt veel sneller iets gedaan, dan wie het volgens de regels doet. Persoonlijk contact is veel effectiever en belangrijker dan een onpersoonlijke schriftelijke of telefonische benadering. Omdat de informele contacten voorrang hebben, gaan de zaken die volgens de officiële weg gaan vaak extra moeizaam en duren die extra lang.
Hoffelijkheid
- Deze loyaliteit heeft mede tot gevolg dat de omgangsvormen binnen de Curie worden gekenmerkt door hoffelijkheid. Alles draait om respect en eerbied voor de ander, zeker als het om een hogergeplaatste gaat. Dingen worden daarom ook nooit rechtstreeks of onverbloemd gezegd of geschreven, maar altijd met een omweg, middels subtiele nuances, door suggestie of tussen de regels door. Deze manier van doen is voor Italianen vanzelfsprekend, maar voor mensen uit Noord-West Europa of de Verenigde Staten, die meer directe omgangsvormen gewend zijn, vaak moeilijk te doorgronden.
Regels
- In de Romeinse cultuur van de Curie is met name ook de omgang met regels en wetten heel anders dan in de van oorsprong meer protestantse Atlantische regio. In de Romeinse cultuur belichamen regels en wetten bepaalde (christelijke) principes en idealen, die hooggehouden moeten worden, ook, of misschien wel juist als ze in de praktijk niet zo goed worden nageleefd. Anders dan de Noord-Westeuropese landen en Noord-Amerika gebruikelijk is, worden de regels dan ook niet aangepast aan de praktijk, maar dient de praktijk zich naar de regels te richten.
Uitzonderingen
- De Kerk weet uit haar eeuwenlange ervaring echter goed genoeg dat leven volgens de regels niet altijd even makkelijk is c.q. even snel gaat. Daarom worden in de Romeinse cultuur veel gemakkelijker dan in Noordwest-Europese landen en Noord-Amerika uitzonderingen op de regels toegestaan of wordt een oogje toegeknepen. Zo wordt tegelijk het in de regel of de wet belichaamde ideaal gehandhaafd en wordt tevens recht gedaan aan individuele gevallen en omstandigheden.